Bancaire kluizen: een blind punt in de strijd tegen witwassen?

De strijd tegen het witwassen van geld en de financiering van terrorisme (LCBFT) is een belangrijke uitdaging voor bankinstellingen. Zij moeten strenge waakzaamheids- en meldingsverplichtingen naleven om te voorkomen dat het financiële stelsel voor criminele doeleinden wordt gebruikt.

We vergeten vaak dat, hoewel bankrekeningen en elektronische transacties centraal staan in dit toezicht, bankkluizen vanwege hun geheime karakter ook een belangrijke rol spelen in de strijd tegen financiële criminaliteit.

Omdat de inhoud van een kluis niet direct bekend is bij degene die deze bewaakt, kan een kluis worden gebruikt om waardevolle voorwerpen op te slaan waarvan de herkomst of de wettelijke status verdacht kan zijn. Er kunnen ook gelden in worden bewaard die afkomstig zijn van belastingfraude en illegale activiteiten. De aantrekkelijke vertrouwelijkheid die kluizen bieden, wordt vaak door kwaadwillende actoren misbruikt om goederen en kapitaal te verbergen waarvan de herkomst niet kan worden getraceerd.

Banken blijven dus verplicht om waakzaam te zijn ten aanzien van de huurder van de kluis. Bovendien moeten ze alert zijn op bepaalde waarschuwingssignalen, zoals:

  • Het huren van een kluis zonder duidelijk verband met de aangegeven behoeften van de klant;
  • Het gebruik van een kluis door een persoon met een hoog risicoprofiel;
  • De analyse van het profiel van de klant, de samenhang tussen het gebruik van de kluis en de opgegeven situatie;
  • En zelfs het toezicht op het personeel dat toegang heeft tot de kluizen…

Het is duidelijk dat zelfs als de kluis gesloten is, waakzaamheid geboden blijft. Banken moeten dezelfde regels inzake waakzaamheid en melding van verdachte transacties toepassen op klanten die een kluis hebben als op andere diensten, zelfs als ze geen kennis hebben van de inhoud.

Dit vereist niet alleen toezicht op de kluis, maar ook op de klant en vooral op de context. In België bijvoorbeeld heeft de wet houdende diverse bepalingen inzake de economie, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 21 maart 2024, het toepassingsgebied van de antiwitwaswetgeving uitgebreid tot niet-financiële organisaties (hotels, magazijnen, enz.). Ter herinnering: vóór deze wet waren de antiwitwasverplichtingen alleen van toepassing op financiële instellingen die kluisjes verhuurden.

Concluderend kan worden gesteld dat, ook al valt de inhoud van een bankkluis buiten de directe controle van de instelling, het verhuren van een kluis niet kan worden beschouwd als een blinde vlek in de strijd tegen het witwassen van geld en de financiering van terrorisme. De zorgvuldigheidsverplichtingen gelden voor zowel de klant als de verhuurder. De preventie van witwassen en terrorismefinanciering houdt dus niet op bij de deur van de kluis: zij vereist een analyse van het algemene risico en het vermogen om atypisch gebruik op te sporen (KYC, risicobeoordeling, toezicht).